De swainsonsmus is een zangvogel uit de familie van de mussen en de sneeuwvinken.  Ze komen voor in het oosten van Afrika in de landen soedan en SomaliŽ tot aan Kenia.  De naam komt van een Engelse onderzoeker die William Swainson heette.  De vogeltjes worden ongeveer 16 centimeter groot en er zijn geen verschillen tussen mannetjes en vrouwtjes.  Op de bovenvleugel zit een witte band die niet altijd te zien is.  De staart is bleek. 

Je vindt de vogels in bergachtige plaatsen, moerassen, open bossen, graslanden en savannes.  Maar de meeste mussen vind je dicht bij de steden en dorpen van de mensen.  Ze leven van zaden, grassen, granen en insecten. 

Hun nestje ziet er uit als een losse bal met veertjes en gras.  Het zit op takken of in de kroon van palmbomen.  Ook gebruiken ze nesten van andere mussensoorten.  Daarin leggen ze 3 tot 6 eieren die wit met bruine en grijze vlekjes zijn.  Als ze niet broeden leven ze met honderden samen.  zo kunnen ze flink wat schade toebrengen aan akkers en tuinen.