Afrikaanse savanneolifant

soort

                                  de Afrikaanse savanneolifant
start  >  zoogdieren  >  slurfdieren  >  Afrikaanse savanneolifant                    Loxodonta africana - African bush elephant or African savanna elephant

 

 

Alleen olifanten hebben een echte slurf.  Het is een heel bijzonder lichaamsdeel.  Een slurf bestaat uit tienduizenden spiertjes, waardoor hij erg makkelijk te bewegen is en erg krachtig.  Een olifant kan er een boomstam mee optillen, maar ook een muntstuk.  Eigenlijk is een slurf de neus en de bovenlip van de olifant.  De slurf is ten eerste een grijparm om zware, lichte, kleine en grote dingen op te tillen.  Olifanten grijpen voedsel beet met hun slurf en stoppen het dan in hun mond.  Als ze willen drinken, zuigen ze met hun slurf water op en spuiten dat in hun mond.  Ten tweede is de slurf een soort douche.  De olifant moet zijn huid geregeld met water en daarna met stof of zand besproeien.  Ten derde is het een middel om andere dieren mee te slaan of te aaien.
Ook wordt de slurf gebruikt om geluiden te maken, maar het meeste kunnen wij niet horen.  Ten slotte is de slurf ook gewoon een neus en ze kunnen daarmee heel goed ruiken.

De meeste Afrikaanse mannetjes en vrouwtjes olifanten hebben slagtanden.  Die slagtanden zitten in de bovenkaak en zijn eigenlijk de snijtanden.  Hij gebruikt de slagtanden ook om te vechten.  Veel olifanten worden gedood voor hun slagtanden.  Die worden er af gehaald om beeldjes en armbanden van te maken.  Die beeldjes en armbanden zijn heel duur, daarom worden ze gedood.

 

 

Olifanten eten wel tweehonderd kilogram per dag.  Het zijn echte planteneters.  Met hun slurf plukken ze bladeren, vruchten en takken van de bomen.  Ze wroeten er wortels mee uit de grond.  Ze eten graag gras en soms schrapen ze de schors van de bomen af.    Ze zijn steeds op zoek naar lekkers om te eten.  Soms moeten ze daarvoor lange tochten maken.   Ze trekken in groepen van plaats naar plaats.   Waar ze zijn geweest, laten ze het landschap slordig achter.  Struiken zijn vertrapt en overal liggen afgescheurde takken op de grond.  Met een beetje geluk is alles weer keurig op orde als de groep na een paar weken terug komt.  Maar soms is er teveel verwoest.  Dan blijft het landschap kaal en leeg.  Dat is vervelend voor andere dieren, maar ook voor de olifanten zelf.  Ze kunnen geen voedsel meer vinden en als ze 's middags willen rusten, is er geen schaduw meer.  Het leefgebied van de olifant wordt steeds kleiner.  Steeds meer olifanten leven op een te kleine plaats.  

    
Afrikaanse olifanten leven in het oerwoud, op de savanne, in half woestijnen en in bossen.  Ze worden heel oud, wel 70 jaar. Een groep olifanten noem je een kudde.  Mannetjes olifanten noem je een bul.   Ze vechten om de eer en om wie het vrouwtje krijgt.   Met zijn oren en slagtanden jagen ze wilde dieren weg.

foto's : eugenia & julia, dick mudde,Bohdan Szcześniak, mdisdero, nickandmel, charlesjsjarp