De Afrikaanse slangenhalsvogel is een vogel die vooral vis eet en voorkomt in zoete waters.  Ze worden tot 80 centimeter groot en lijken een beetje op aalscholvers.  Enkel de lange scherpe snavel en de lange nek zijn verschillend.  Mannetjes zijn donker gekleurd met een witte streep op de nek die doorloopt tot aan het oog.  Vrouwtjes en jonge vogels zijn eerder grijs met een bruine borst en buik. 

Soms wordt de Afrikaanse als een ondersoort van de Indische slangenhalsvogel gezien.  Ze leven in grote delen van Afrika en zijn vaak te zien op boomstammen of takken die in het water liggen.  Ze broeden in grote kolonies samen met reigers en aalscholvers.  Binnen Afrika zijn er 3 ondersoorten.

Omdat ze op vele plaatsen voorkomen, is de soort niet echt bedreigd.