De pampasnip is een soort steltloper uit de familie van de goudsnippen.  De kop en de nek zijn roodbruin van kleur met een gele streep op de kroon.  Bovenaan zijn ze grijsbruin gekleurd met witte vlekken en een witte buik.  De vrouwtjes zijn groter dan de mannetjes.  Aan de poten zitten zwemvliezen wat de andere goudsnippen niet hebben. 

De vogels worden 19 tot 23 centimeter groot.  Je vindt de vogels in het zuiden van Zuid-Amerika in de landen BraziliŽ, Chili, ArgentiniŽ, Uruguay en Paraguay.  Daar leven ze op de natte graslanden waar ze zich voeden met alles wat ze kunnen vinden van kleine diertjes tot allerlei zaden.  Die halen ze uit de modder bij valavond. 

Het nest is een ondiepe kuil in het gras.  Daarin worden 2 tot 3 eieren gelegd.  Omdat vele graslanden worden drooggelegd door de mensen, is deze soort bedreigd.  Bovendien wordt er soms op de vogels gejaagd.