keerkringvogels

orde

       de keerkringvogels

                                                                                              Tropicbirds, Phaethontidae, Phaethontiformes.

 

 

start
vogels

naast de keerkringvogels zijn er nog andere vogelfamilies :

buissnaveligen
duiven
duikers
eendvogels
flamingo's
futen
gierzwaluwen en kolibries
hoatzins
hoendervogels
hoppen, boomhoppen en neushoornvogels
kasuarissen en emoes
keerkringvogels
kiwi's
koekoeksvogels
koerols
kraanvogelachtigen
muisvogels
nachtzwaluwachtigen
nandoes
ooievaarachtigen
papegaaiachtigen
pinguins
roeipotigen
roofvogels en gieren
scharrelaarvogels
seriema's
spechtvogels
steltlopers
steltrallen
struisvogels
suliformes
tinamoes
toerako's
trappen
trogons
uilen
valken en caracara's
zandhoenders
zangvogels
zonnerallen en kagoes

   

De keerkringvogels zijn een orde van vogels.  Bijna heel het jaar vliegen ze boven de oceaan.  Enkel als ze gaan broeden vind je hen op het land.  Ze vliegen heel hoog boven de zee steeds op zoek naar vissen en inktvissen die aan het oppervlak van het water zwemmen.  Met een flinke duik duikt hij het water in om zijn prooi te vangen.  De snavel is sterk en spits met gekartelde randjes zodat hij makkelijk een vis kan vastgrijpen.  Er zijn amper 3 soorten in deze orde van vogels. 

Vroeger hoorde deze vogelgroep bij de roeipotigen, maar nu worden ze als aparte orde gezien.  Ze zijn wel dichtere familie van de futen, de flamingo's en de duiven.  Vroeger kwamen deze vogels ook in ons land voor.  Dat weten we omdat we botjes hebben gevonden die al heel oud zijn. 

De poten van de keerkringvogels zijn kort en staan naar achter.  Daardoor kunnen ze ook slecht stappen.  Door het vele vliegen hebben ze die pootjes eigenlijk zeer weinig nodig.  Op het land zal je ze dan eerder zien kruipen dan stappen.  Ze laten zich glijden op hun buik en duwen zich vooruit met hun poten.  Hierdoor kunnen ze ook zeer goed zwemmen op het water.  De zwemvliezen tussen de tenen helpen hen hierbij.  Boven de zee vliegen ze meestal alleen of met twee als ze op zoek zijn om te gaan paren.  Hun nesten maken ze op kleine eilanden of rotsen waar roofdieren moeilijk aan kunnen. 

 

 

Het mannetje zal zijn kunstjes dan ook in de lucht tonen om een vrouwtje te vinden.  In het nest wordt maar één ei gelegd dat enkel door het vrouwtje wordt uitgebroed.  Het mannetje zorgt dat er voedsel wordt aangebracht.  Na 12 weken kan de jonge keerkringvogel uitvliegen.  In het begin zijn ze nog wat zwaar om vlot te vliegen en dobberen ze wat op de zee om gewicht te verliezen. 

De vogels zijn te vinden van de Canarische eilanden tot aan West-Afrika. 

foto's : thomas roose, gerald ludwig, dcna,

3 soorten keerkringvogels :  :

 

                wil je het rijk der vogels met alle families en soorten eens op een rijtje zien                           klik dan hier