De Indische nimmerzat is een soort ooievaarachtige die tot 1 meter groot kan worden en voorkomt in India, Sri Lanka tot het Verre Oosten.  Het zijn slanke witte vogels met lichte zwarte tekeningen op de vleugels.  Er loopt ook een zwarte band over de borst.  De poten en de onderrug zijn licht roze gekleurd.  Jonge vogels zijn nog helemaal bruin voordat ze hun witte veren krijgen.  Net als alle ooievaars klepperen ook deze vogels met hun snavel naar elkaar.  Ze leven van vis, maar ook kikkers en slakken.  Die worden gevangen door gewoon hun open snavel in het water te houden.  Ze wachten op de prooi tot die passeert en dan happen ze toe.  De nimmerzats komen voor in zoete wateren, vijvers en meren met genoeg bomen om in te rusten, te slapen en in te vluchten.  Vaak leven ze in grote kolonies samen. 

Het nest wordt op de grond gebouwd naast het water.  Daarin leggen ze 3 tot 5 eieren.  Het broeden doen ze vaak samen met aalscholvers, reigers, ibissen en lepelaars.