De Chinese alligator is een soort krokodil die voorkomt in China en omstreken.  Hij is samen met de Amerikaanse alligator de enige echte alligator die nog bestaat.  Ook de enige die een echte winterslaap houdt.  Ze worden 150 tot 200 centimeter groot en hebben een zwaar pantser.  Net als de brilkaaiman hebben ze beenplaten boven de ogen. De snuit is aangepast om schaaldieren en slakken open te breken.  Hun lichaam is bruin tot grijs gekleurd, maar zwart met gele banden bij de jongen. 

De dieren leven in de delta van de Jangtsekiang, een belangrijke rivier in China.  Hier houden ze van modderige en traag stromende wateren.  Enkel om eieren te leggen en om te zonnen, komen ze uit het water.  Jagen doen ze 's nachts, terwijl ze overdag schuilen in holen langs de oever.  Naast schaaldieren eten ze ook ratten, knaagdieren en watervogels. 

De soort is sterk bedreigd en is sinds kort beschermd door de Chinese regering.  Dat komt omdat hun leefgebied steeds kleiner wordt.  Ook worden ze gevangen voor hun vlees en hun huid, maar ook om hun organen die als medicijnen worden verkocht.  De huid is niet geschikt om leer van te maken.