wantsen

onderorde

                     de wantsen

start  >  insecten  >  halfvleugeligen  >  wantsen                                                                                        heteroptera - typical bugs

 

Wantsen zijn insecten die wat op kevertjes lijken, maar toch tot een andere familie horen.  Ze komen over de hele wereld voor.  Op het land, maar ook in stilstaand water.  Op de Noordpool is het te koud voor hen en in de zee vind je ze ook niet terug.  Alle wantsen hebben een zuigsnuit en leven ervan om planten en ook andere insecten uit te zuigen.  De meeste zuigen plantensappen op, maar zwangere vrouwtjes durven wel eens een ander insect aanvallen.  Daar groeien hun eitjes flink van.  Er zijn er ook die bloed zuigen.  Vele wantsen hebben mooie kleuren en zijn aangepast aan hun omgeving.  Er bestaan ronde, platte, lange en smalle wantsen.  Bijna allemaal zo groot als je vingernagel.  Bij de rovende wantsen zijn de voorpoten omgevormd tot grijppoten.  Bij de zwemwantsen zijn de voorpoten naar voren gericht.  Hun achterpoten zijn breed om goed te kunnen zwemmen en kleine klauwtjes om zich aan waterplanten vast te houden. 

Deze insecten vallen op door hun steeksnuit waarmee ze planten of dieren leeg zuigen.  Niet alle wantsen hebben vleugels.  Wel een plaats onder hun schild waar ze geurtjes kunnen verspreiden.  Het stinkt vooral, smaakt slecht en kan andere insecten verlammen.  Er zijn soorten die hun geur kunnen wegschieten.  Het zijn diertjes die vaak op de akkers planten kapot maken.  Toch is het niet zo erg als sprinkhanen.  Die kunnen echt wel alles vernielen.  Ze maken wel dezelfde geluiden.  De wijfjes en de larven maken soms ook geluidjes. 

enkele bekende soorten en families :

                                                                                 wantsen        

 

Er bestaan meer dan 70 duizend soorten wantsen.  Een aantal wantsen leeft op of onder water.  Daar jagen ze op insecten die in het water gevallen zijn.  De kringen op het water van de spartelende insecten doet schaatsenrijders toehappen.  Rugzwemmers en bootsmannetjes roeien er met hun harige pootjes naartoe.  Ze hebben zeer sterke kaken waarmee ze hun prooi grijpen.  Ze kunnen onder water zelfs mensen flink bijten.  Waterschorpioenen zijn grote wantsen die hun prooi grijpen met hun vangpoten.  De lange staart heeft geen stekel maar een soort snorkel waarmee wants adem haalt als hij onder water is. 

 

     

Wantsen hebben 2 soorten vleugels : harde en zachte.  De harde liggen over de zachte om hen te beschermen.  Jonge wantsen hebben geen vleugels als ze uit hun eitje komen.  Ze krijgen vleugels als ze een paar keer vervellen.  Mama en papa zorgen voor hun eitjes als ze uitkomen.  Weinig insecten doen dat. 

Ze lijken goed op kevers maar zijn platter met meestal een bultje op hun schouders.  Ook bij de larven zie je een duidelijk verschil.  Wantsen kunnen ook flink steken als je ze oppakt. 

foto's : naskrecki, entomart.be, siga, georg slickers, mick talbot

                                                           wil je het rijk der insecten eens op een rijtje zien ?                                  klik dan hier